--> -->

Wie Was: Jan Waas 1946-2021

Op 25 januari 2021 is Jan Waas overleden. Daarmee is niet alleen een mens van ons weg, een erg goed mens, een מזג-טובֿ ‘mezeg tov’, maar ook een instituut. Want Jan was in zijn eentje een muzikaal kenniscentrum. Niet alleen bezat hij twee wanden grammofoonplaten, CD’s, minidisks, cassettes en bladmuziek, in zijn hoofd zat een schat aan kennis van volksmuziek, folkmuziek, Joodse muziek. Jiddisch, Sefardisch, Israëlisch. Hij had een geheugen voor muziek. Hij wist wie in Nederland welke platen in huis had. Hij kon voor menige band hun eerste opname tevoorschijn toveren, die ze zelf niet meer hadden. Hij wist verbanden te leggen, van melodieën en teksten die door het ene volk van het andere opgepikt werden. Toen ik hem vertelde dat ik mijn kinderen het zestiende-eeuwse strijdlied Merck toch hoe sterk van Valerius voorzong, nam hij een bandje voor me op met acht versies ervan, gevolgd door het Engelse liefdesliedje waar de melodie vandaan kwam. Jan was jarenlang een actief deelnemer aan onze ‘Jidisjer kraiz’ in Amsterdam. Ook trad hij met ons op in door Willy Brill geregisseerde stukken en leesvoorstellingen (zie voor een filmpje de Grine medine: http://stichtingjiddisj.nl/ ).
In het dagelijks leven was hij leraar Engels op verschillende scholen. Als zoveelste generatie Amsterdamse jood had hij leerlingen van alle mogelijke achtergronden in de klas, van Moos tot Mo. Leerlingen die klas na klas werden getrakteerd op zijn onbedwingbare lust tot moppen tappen. Over zijn achternaam (Waas is de West-Jiddische uitspraak van װײַס) had hij de anekdote dat bij de naamgeving zijn voorouder de vraag van de ambtenaar had beantwoord met “Waasfiel?”: “Weet-ik-veel?”. Jan heeft jarenlang een radioprogramma gehad op radio Diemen over volksmuziek en aanverwante genres. De laatste jaren vroeg hij zich wel af wat er met zijn onschatbare verzameling zou gebeuren. Het leek erop dat niemand, ook geen instelling, de hele collectie zou willen overnemen. Dat zou eeuwig zonde zijn van zo’n schat van internationaal niveau. Jan laat een innig geliefde familie achter: zijn vrouw Lidy, zijn zoons Joost en Bas met twee schoondochters en vier kleinkinderen.

Justus van de Kamp

De klemtoon

Wij hebben een tijdelijke manier gevonden om de klemtoon te laten zien.
In het JNW wordt het accent bij elke ingang aangegeven. Dit gebeurt in het uitspraakveld (in Latijnse hoofdletters). Voor het JNW is ervoor gekozen om de beklemtoonde klinkers te markeren. In de toekomst willen wij de klinkers onderstreept of vet of in kleur laten zien. Dit vereist een technische ingreep waar we op dit moment geen geld voor hebben. Om deze belangrijke informatie toch te kunnen tonen staat nu voor iedere klinker met klemtoon een afkappingsteken (apostrof). Kies bij het opzoeken van een woord “Detail”. Vaak moet de schuifbalk voor een volledig overzicht naar boven worden gehaald.

Voorbeeld:
Uitspraak W′ASSER-N >-L/W′ESSERL
Hier zien we dat de klemtoon op de lettergreep “WAS” valt.

P.S. Steun het woordenboek, dan kunnen we de techniek verbeteren! Ga naar het tabblad “Contact” voor meer informatie. (De Stichting Jiddische Lexicografie Amsterdam heeft de status van Culturele ANBI.)

PRESENTATIE JNW op 22 februari 2018

We hebben geen lint doorgeknipt, op 22 februari. We hebben ook geen eerste exemplaar aangeboden. De webstek van "het grootste Jiddische woordenboek ter wereld" ging niet precies op 22 februari de lucht in. Tja. Het is niet anders. Digitaliseren, een website werkend krijgen, een database doorzoekbaar maken (in verschillende schriftsoorten die verschillende kanten opgaan en op andere plekken te vinden zijn): het gaat geleidelijk, of met horten en stoten. We hebben proefgedraaid sinds maart 2017 en er wordt nog steeds, letterlijk elke dag, aan gewerkt. 
Toch was het, tenminste voor ons, een erg belangrijke gebeurtenis. De bijeenkomst, het symposium zo u wilt, overtrof onze al vrij stoute verwachtingen. Bijna vijftig mensen kwamen luisteren naar een paar wetenschappelijke lezingen in het Jiddisch, zonder vertaling. Dat is in Nederland ongekend. Ruim honderd belangstellenden waren er voor het Nederlandse programma. Meer dan een handvol buitenlanders waren gekomen, waaronder sommigen die dezelfde dag nog terug naar huis moesten. 
Het gebodene was dan ook de moeite waard. Dat geldt niet alleen voor de prachtige uitvoering die Shura Lipovsky bracht met een speciaal samengesteld liedprogramma (deels nieuwe, zelfgeschreven teksten) onder begeleiding van Marieke Roelofs (cello), Paul Prenen (piano) en Marjolijn van Roon (blokfluit), maar ook voor Karin Hofmeester die voorbeelden gaf van het Jiddische materiaal in het IISG en Ewoud Sanders met zijn schokkende verhaal over Nederlandse Jodenbekeringsromans; hoe je die met slim zoeken kunt opsporen en wat voor taalgebruik daarin aan Joden wordt toegeschreven. In het eerste (Jiddische) gedeelte ontwikkelde zich een beschrijving van tot een discussie over verschillende typen Jiddische woordenboeken van na de oorlog (Niborski), over acht verschillende doelgroepen voor zo'n woordenboek (Neuberg), hoe je zo'n werk samenstelt (Van de Kamp). Een discussie die in briefwisseling nog steeds voortduurt (de teksten verschijnen op deze webstek). Justus van de Kamp en Mirjam Gutschow vertelden ook in het Nederlands over opbouw en digitalisering van het JNW. Na het concert van Lipovsky's ensemble werden de gesprekken onder het genot van drank en boterkoek voortgezet. En het bleef nog lang onrustig in Amsterdam.

Laatste wijziging 14-10-2021